Pelgrimspad (LAW 7): Den Bosch-Visé
Over de Dommel klinkt het halleluja

Het lijkt zo eenvoudig. Pak een atlas, neem de kaart van zuid-Nederland en laat een stift een ononderbroken lijn trekken van Den Bosch naar Maastricht waarbij zoveel mogelijk groene plekken worden doorkruist. Markeringen aanbrengen, gidsje uitbrengen, klaar is kees?
Schijn bedriegt. De wijze waarop het Pelgrimspad alle natuurgebieden aaneenrijgt, doet nonchalant aan. Toch moet het niet eenvoudig geweest zijn om de voormalige Internationale Wandelweg uit 1939 - zover gaat de geschiedenis van dit pad terug - in dit spirituele jasje te steken. Ondanks oprukkend asfalt en gemotoriseerd verkeer is het resultaat alleszins bekoorlijk: wandelen gelardeerd met grenzen, kruizen en tussen de regels door een vleugje filosofie.

tekst: Wessel Zweers, uit Op lemen voeten 1995/5

De regie is perfect. Amper ligt het station achter ons en hebben we de eerste roodwitte markering gevonden, of we horen een zingende menigte over de Dommel galmen. Vanwaar dit ingetogen gezang? Onze blikken gaan links en rechts, en blijven steken bij een kerk. Dáár komt het halleluja vandaan. De openstaande deuren lokken ons naar binnen. Kan een bedevaart passender beginnen dan met 's heren zalvende zegeningen?

Dan volgen de indrukken elkaar snel op. Eerst verder langs de Dommel en Bastion Vught met zijn dreigende kanonnen. Dan een karrespoor, huizen links en rechts, asfalt, spoorlijn, bocht om Fort Isabella en we hebben 's Hertogenbosch alweer gehad. Het lijkt alsof we in een film zijn beland die met een overrompelende start de kijkers aan zich bindt. Nu pas begint het eigenlijke verhaal.

Dat verhaal lijkt aanvankelijk het relaas van een landschap dat voortdurend verandert, maar zonder écht anders te worden. Een voor een worden de spelers aan de kijker voorgesteld. Boom. Nog een boom. Weg. Weide. Heide. En dat daar? Dat zijn typisch Brabantse langgevel-boerderijen. Brabants levende have mag ook niet ontbreken: koeien, muggen, steekvliegen. Vooral rond het blindentehuis vlakbij Vught blijken de vliegen graag hun slachtoffers uit te kiezen. Kunnen ze wel tegen die blinden? Maar sportief als de beesten toch blijken, krijgen ook wij de volle laag.

Een ander ongemak vormen de paden zelf, veelal verharde wegen. Enig cijferwerk leert ons dat het traject tot aan Valkenswaard voor 40% verhard is. Vooral tussen de Kampina en Vessem duurt het asfalt langer dan leuk is. De les is duidelijk: een LAW maken is een zaak van voortdurend compromissen sluiten. Zoals ook blijkt tussen Eindhoven en Valkenswaard. Deze plaatsen worden verbonden door een lawaaiige verkeersweg - zo eentje van het type: neus dicht, oversteken en snel achter je laten. Maar nee, de wandelaar wordt door een wigvormige kronkel in de route kilometers lang met het verkeer geconfronteerd. Waarom niet direct overgestoken?

Vlak voor Heeze ligt de situatie precies omgekeerd. De route voert van de A2 linea recta door het bos naar het station van Heeze, terwijl hier juist een omweg over de prachtige heide langs tal van vennetjes in de rede ligt.

Koude oorlog
Ondertussen heeft de film - om deze metafoor maar weer te gebruiken - bij Valkenswaard een wending. Daar hebben we de Dommel weer. Geen kerk in de buurt? Geen nood, dan heffen we zelf het halleluja aan. Ook nu weer blijkt dit riviertje de voorbode van een landschappelijke ommekeer. Na het viaduct over de A2 gaan verharde wegen over in onverharde, alle denkbare variaties op het thema 'bos' dienen zich aan en meer dan aan het begin komen we langs religieuze bezienswaardigheden. Het is duidelijk: het verhaal krijgt een inhoud. Tijd voor harde confrontatie.

We schrijven 1648. De Vrede van Munster betekende het einde van de oorlog met de Spanjolen. De vrede was betrekkelijk. Er ontstond tussen de protestantse Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en de katholieke Spaanse Nederlanden een koude oorlog. Tussen Heeze en Weert doorkruisen we het voormalige grensgebied. Dat is te zien aan diverse grenskappellen. De katholieken in het noorden en de christenen in het zuiden moesten elke zondag urenlang lopen om aan de andere kant van de grens ter kerke te gaan. Het mooiste voorbeeld is de schamele grenskerk bij de Grashut, midden in het bos. Na het verlaten van Weert wordt de aspirant-pelgrim even op het verkeerde been gezet. Akkers, weggetjes, bomenrijen, boerderijtjes - zijn we weer terug in Brabant? Niet helemaal, want toch lijkt er iets veranderd en wat het is weet ik niet. Voorbij het plaatsje Hunsel - hier volgen we een stukje van de St.-Jacobsweg, pelgrimsroute naar Santiago de Compostela - wordt dat eindelijk duidelijk. Het is de stilte, de afwezigheid van verkeersrumoer.

Bokken en geiten
De ogenschijnlijke rust blijkt de spreekwoordelijke stilte voor de storm. Voorbij Ittervoort voert een prachtig paadje langs de Belgische grens en achter een heuvel ontwaren we de immense kerktoren van Thorn. Wat verbaasd betreden we de straatjes met hun middeleeuwse plaveisel. En dan die witte huizen. Het is alsof ze in een even openlijke als geheimzinnige samenzwering besloten hebben om met zijn allen wit te zijn niet een beetje wit, maar ook echt helemáál wit. Er valt heel wat te vertellen over dit witte stadje, veel meer dan in de LAW-gids is terug te vinden. Neem bijvoorbeeld de geschiedenis van de twee rivaliserende muziekgezelschappen, de Kerkelijke Harmonie (de "geiten") en de Koninklijke Harmonie (de "bokken"). Deze prachtige geschiedenis over de gespletenheid van Thorn plaatst het opvallend lyrische 'standbeeld voor de muziek', even voorbij de kerk, in een heel ander daglicht. Bovendien is de geschiedenis van geen andere plaats in Limburg zo verweven met godsdienst. Duizend jaar geleden stond het Benedictessen-klooster aan de Thornse wieg. Opmerkelijk is dat hier tot aan de 18e eeuw vrouwen het bewind voerden.

Is Thorn op zich al een sprookje, het mooiste moment van het Pelgrimspad komt nog. Een paar honderd meter verder, om precies te zijn. Het weidse uitzicht over de Maas-oevers is overweldigend en vormt een totale tegenstelling met alles wat we hiervoor hebben gezien.

Roeibootje
Door de afwisselende en uitgestrekte Maasvallei gaat de tocht verder. We zijn in België beland en dat is duidelijk te merken: de ramen hebben hier opeens vitrages, de tuinen bestaan slechts uit tuintegels en alle vrouwen dragen rokken. Het landschap biedt meer variatie, maar vooral in de buurt van Visserweert, even voorbij Maaseik, blijkt het asfalt in hoog tempo op te rukken. Regelmatig moeten we wijken voor passerende bulldozers. En na een overnachting in Limbricht - het beeldje op pagina 97 van de gids blijkt spoorloos verdwenen - naderen we Sittards hoge flatgebouwen. Dat geeft te denken. De achterflap van de LAW-gids belooft ons "een beetje vertrouwd te maken met de belevingswereld van middeleeuwse pelgrims". Is dat eigenlijk wel mogelijk? Hoe zou het Pelgrimspad zijn zonder asfalt, flats en vierwielers? Lopen zonder kunststof rugzak, Vibram-profielzolen en lichtgewicht tentje? De Maas oversteken in een roeibootje?

Gelukkig blijkt de authenticiteit in Zuid-Limburg nog niet ten grave gedragen. Hier heb je nog het gevoel dat het landschap is ontstaan en niet is gemaakt, zoals bijna overal in Nederland. De markeringen voeren ons behendig om de meeste woonwijken en verkeerswegen heen. De route valt hier voor 16 km samen met het boegbeeld van het Nederlandse LAW-netwerk, het Pieterpad. En dat zullen we weten ook: we komen meer wandelaars tegen dan op de overige 250 km van het Pelgrimspad. Na Spaubeek is het landschap opeens weer vlak, we passeren op afstand twee aardige kasteeltjes en na nog meer kasteeltjes bij Voerendaal raken we de tel kwijt.

Nog enkele dagen heuvels en devotie scheiden ons van Visé. En wat voor devotie: behalve de kastelen zien we kapelletjes, kaarzen, kruizen en kerken in alle verscheidenheid. Elk daarvan is weer een bezienswaardigheid op zich, al is het ondoenlijk om ze allemaal afzonderlijk te bekijken. Het Geuldal wijst de weg naar Valkenburg, waar we met een grote boog omheen lopen. Herinneringen aan de mysterieuze bossen bij Weert leven weer even op bij het Savelsbosch, gelegen op een grillig plateau ten oosten van Maastricht. Bij Mesch steken we de grens over en nadert deze heilsqueeste haar einde.

Maar is dit wel het einde? Volgens een informatiepaneel in Thorn is het Pelgrimspad slechts een "oefenpad" voor pelgrims met aspiraties voor Santiago. Niettemin heeft dit wandelpad zeker ook zelfstandige betekenis. De vergelijking met de film blijft tot het laatst toe overeind. Ondanks enkele mindere momenten kan het Pelgrimspad zich bogen op een sterk scenario: het verhaal van de omgeving die zich langzaam ontwikkelt als weerspiegeling van de groei die de pelgrim zelf doormaakt. En om dat iets van dat rijke gevoel te beleven hoef je echt niet door te lopen naar Santiago.

 

© Op Lemen Voeten | www.oplemenvoeten.nl

Praktische informatie

Route

Pelgrimspad (LAW 7), Den Bosch-Visé (België): 264 km.

Gids
De bijbehorende LAW-gids omvat routebeschrijvingen in beide richtingen, kaartjes, praktische informatie en achtergrondinformatie. De gids kost fl. 28,90 en wordt uitgegeven door de Stichting LAW in Amersfoort en is verkrijgbaar bij reisboekhandels en langs de route bij VVV's.

Etappe-indeling
Wie niet opziet tegen dagetappes van zo'n 25 km kan de onderstaande indeling (staat niet in de LAW-gids) als leidraad gebruiken:
- Den Bosch - Valkenswaard: 3 dagen
- Valkenswaard - Heeze: 1 dag
- Heeze - Weert: 2 dagen
- Weert - Sittard: 2 of 3 dagen
- Sittard - Voerendaal: 1 dag
- Voerendaal - Schin op Geul: 1 dag
- Schin op Geul - Visé: 2 dagen
Alle genoemde plaatsen hebben een NS-station, behalve Valkenswaard (bushalte).

Markering
De route is zoals gebruikelijk wit/rood gemarkeerd. De stijl van markeren wisselt per regio en varieert van voldoende tot uitstekend. Alleen op het Belgische gedeelte tussen Thorn en Maaseik is de markering matig.

Openbaar vervoer
Busdiensten zijn aangegeven in de LAW-gids, maar soms niet helemaal accuraat. Bij één bushalte (kaart 21) bleek slechts twee keer per dag een schoolbus te rijden. Het is daarom raadzaam zelf te bellen met de OV Reisinformatie (0900-9292).

Accommodatie
De gids geeft adressen van campings, hotels, pensions en logies/ontbijt. Zelf informeren bij de lokale VVV's levert soms nog meer overnachtingsmogelijkheden op.