Rond Raalte
Agrarische landschap in Overijssel

Is het leuk, een boerderijwandeling die tot doel heeft burger en boeren met elkaar in contact te brengen? Ja het is méér dan leuk. Zeker voor iemand zoals ik, voor wie een wandeling pas geslaagd is als er beesten zijn die zich laten aaien en toespreken. Ik kwam volledig aan mijn trekken. Er waren paarden, koeien, varkens, kippen, honden, katten, struisvogels en herten. We mochten bij de boeren naarbinnen, kregen rondleidingen, stelden nieuwsgierige vragen, dronken koffie in huiskamers, aten mee in woonkeukens en overnachtten op de boerderij.

Tekst: Lilian Oostrom

Het platteland in mijn jeugd
Ik ben een jaar of vijf als mijn vader mij meeneemt naar een boerderij in de buurt van onze woonplaats Gorinchem om bonen en aardappels in te slaan voor de winter. De boer neemt ons mee naar de stal. Mijn vader tilt mij op zodat ik de koeien beter kan zien. Onder mij staan snuivende, dampende koeienlijven. Pappa, straks val ik. Welnee, ik heb je toch goed vast. Ik raak in paniek, want stel je voor dat ik wél val. Ik ben vijftien als ik mag meehelpen koeien verweiden, in Goudriaan bij de buren van een vriendje. Eerst moet er een touw om die grote, enge kop en dan is het de bedoeling dat je met ze gaat lopen. Die van mij willen niet, zelfs niet als ik ze vriendelijk toespreek. De pets met de vlakke hand op hun achterwerk - uitgedeeld door de boer - is de taal die ze wél verstaan.

Het landschap van mijn jeugd wordt bepaald door de grote rivieren: Merwede, Maas en Waal. Wat er zich in het land achter de rivieren afspeelde ontging mij. De bloeiende Betuwe, de koeien in de wei, de groenten van Hak (een van de dochters zat bij mij op school). Natuurlijk zag ik het wel, maar het onttrok zich aan mijn belevingswereld. Het waren twee gescheiden werelden: die van de boeren en die van mij.

Vooroordelen
Op wandeltochten ondervond ik de gevolgen van landbouwrationalisaties. Wandelpaden die door ruilverkaveling voorgoed verdwenen zijn. Boeren die eerzame wandelaars een simpel recht van overpad ontzeggen. Ik volg van een afstandje de verregaande subsidiedrift in het agrarisch bedrijfsleven. Het lijkt wel alsof je het zo gek niet kunt bedenken of je kunt er als boer subsidie voor krijgen, of desnoods luid protesterend eisen. Mijn vooroordelen namen met sprongen toe. Gretige subsidiegrijpers die niet eens het fatsoen hadden om van mijn belastinggeld een loopplankje neer te leggen, een overstapje te maken of een smalle strook land over te laten als overpad. Ondertussen had ik, bij wijze van spreken nog nooit een boer van dichtbij gezien.

Bijna teveel te zien
Het is al zes uur en bijna donker als we in Heeten op ons overnachtingsadres aankomen. Dat komt omdat er op de eerste dag zoveel te zien is. De Knapzakroute start met een rondleiding op een proefboerderij. Daarna een bezoek aan de melkveehouderij met winkel aan huis, waar we een luxe lunch meekrijgen. Onderweg diverse praatjes gemaakt. Aan de geitenfokkerij zijn we niet eens toegekomen.We krijgen een grote kamer, die op de deel is ingebouwd. Even later zitten we in de keuken aan tafel. We etenkip, gebakken aardappels en sla, en vla toe. Ouderwets eten.

Roodbont
Op De Aarnink houden ze roodbont vee. Dat geeft minder melk dan zwartbont, maar het is leuker fokken. Er valt namelijk nog veel te verbeteren aan de melkopbrengst. Het bedrijf bestaat uit ongeveer tachtig koeien. Het is de kunst om elkaar jaar weer met tachtig (betere) koeien te eindigen. Dat betekent de slechtere verkopen en de betere houden. Na het eten krijgen we een rondleiding van de boerin. Op de deel staan vier kalfjes samen in een box. Drie hele kleintje staan elk in een aparte box. Ze zijn respectievelijk vier, twee en één dag(en) oud. Ik moet even slikken. Of het niet zielig is zo’n een-daags kalfje zonder moeder. Zeker, maar als je ze langer bij elkaar laat wordt het alleen maar zieliger. Uit elkaar moeten ze toch en dat kun je maar beter zo snel mogelijk doen. Even later doet de boerin ons de voordelen van het gebruikte merk kunstmelk uit de doeken. Ik kijk steels naar het kalfje en realiseer me voor het eerst van mijn leven wat het betekent dat ik de melk drink drink die haar toebehoort.

Afhankelijk van computers
Bij het ontbijt vinden we elkaar op een gemeenschappelijk onderwerp: de zin en onzin van verregaande bedrijfsautomatisering. Alles moet geregistreerd worden; vaak verplicht. De melkboekhouding, de mestboekhouding, de mineralenboekhouding, wanneer de koeien tochtig zijn, wanneer ze geïnsemineerd moeten worden, wanneer de koeien ziek zijn en dus een ander soort voedermengsel nodig hebben. Een boer die gaat automatiseren krijgt vier à vijf dagen een hulp in huis die hem wegwijs maakt in de diverse programma’s. Voor de zekerheid houden ze op de Aarnink nog een handmatige registratie bij. ‘s Middags vertelt iemand ons, hoe ze drie uur lang de stal niet in konden om de koeien te melken. De staldeuren werken op de computer en de computer was down. Tsja....

De Kruudmoesetappe
Het eerste deel van de tweede etappe leidt naar een prachtig onverhard pad langs het water door het Bleersbos. Na een kilometer buigen we in westelijke richting af en gaan een tijdje door open land, langs schouwpaden. We lopen heel veel langs schouwpaden.. Soms teveel. Ik ben overigens blij dat ik hoge waterdichte schoenen aanheb. We passeren een struisvogelhouderij die tot voor kort opgenomen was in de route. Maar ze hebben zich teruggetrokken uit het programma. Overigens nooit kunnen vermoeden dat mijn struisvogelbiefstukjes uit Overijssel komen! Een struisvogelhen is zo’n 37 jaar vruchtbaar en levert twintig tot dertig jongen per jaar op. Als ze tien maanden zijn en zo’n 35-50 kilo wegen, worden ze geslacht .

Paarden inrijden is een vak
Na verloop van tijd duikt het pad het bos bij Broekland in. Het is niet groot, maar wel afwisselend, met een heideveld in het midden. Het laatste stukje bos steken we af. Dik na enen zijn we op het adres waar we onze Kruudmoesmaaltijd krijgen. Onze looptijd wordt in de gaten gehouden en afgwogen tegen die van andere wandelaars. Gelukkig maakt niemand een punt van ons late verschijnen. Kruudmoes is karnemelkse gortepap met worst en kruiden. De boerin deelt voor de zekerheid mee dat we ook een omelet kunnen krijgen. Na de maaltijd lopen we mee naar achteren waar de boer toezicht houdt op een meisje te paard. Ze leert hoe ze een paard in moet rijden. Dat houdt in dat een paard naar commando’s leert luisteren: rechts, links, draf, galop, overgangen van draf naar galop enzovoorts. We kijken een tijdje toe en ik verbaas me er weer eens over hoe alles een vak blijkt te zijn. De boer observeert, geeft aanwijzingen en ineens lukt iets dat niet leek te kunnen.

Landgoederen
Als we weer op pad gaan, klaart de mist op, waardoor het landschap een vriendelijker aanzien krijgt. Via het plaatsje Elshof lopen we naar de boerderij de Hagenvoorde op het terrein van een vroegere havezathe. Dat is nog te zien aan de brede allee. Tussen karakteristieke schuren door vervolgen we onze weg over een romantisch bomenlaantje. Aan het eind daarvan moeten we een stukje omlopen om over een wetering te komen. Dan richting landgoed De Velner. De gelijknamige varkensboerderij ligt in een fraai en intiem landschap: bomen, akkers, velden. We drinken een kop thee in de huiskamer waar de zus van de boer op zondagmiddagvisite is. We vragen of ze veel last hebben gehad van de varkenspest. Ze kregen te maken met een vervoerverbod. Oh, dat was zeker wel voordelig, veronderstellen wij. Varkens langer op het bedrijf, groter, zwaarder, dus meer geld opbrengend. Zo werkt het niet. Op de fabriek zijn de machines ingesteld op varkens van een kilo of tachtig, hooguit honderd. Varkens die meer wegen zijn alleen maar lastig en brengen dus minder geld op. Slik, dat is dus de varkensindustrie. Het klinkt logisch, maar ook kil rationeel en dieronaardig. Tegelijkertijd ben ik me ervan bewust dat ik er thuis geen speklapje minder om zal eten. Waar komt dan dat ongemakkelijke gevoel vandaan, juist daarvan?

Herten
Mijn geweten wordt op het eind van de tocht nogmaals op de proef gesteld. We komen langs een groot terrein met herten. Het zijn er teveel voor een hertekamp. Het moeten hertebiefstukjes zijn, die hier lopen. Met grote vochtige ogen kijken ze me aan. Het is zo onwezenlijk, dat het me eigenlijk ook niets doet. Begint de realiteitszin toe te slaan?Dwars door de bossen lopen we terug naar de proefboerderij van Willem en Antje Muller, waar we onze tocht begonnen. De rondwandeling zit erop.

Nader tot elkaar?
‘Wij als agrarische bevolking vinden een goede PR en een goed imago voor de landbouw van groot belang, daar willen we ons voor inzetten. Ook door middel van deze wandelroute’, schrijft Klazien Tuten in het voorwoord van de routegids. Tsja, wat is goede PR. Ik heb een leuke wandeling gemaakt, door een prachtig landschap. We zijn overal met enthousiasme ontvangen. Ik heb eindelijk een boer ‘van dichtbij gezien’. Hun aandacht voor de dieren. Ik weet nu dat een aantal boeren - en hun standsorganisaties - bezig zijn met landschapsbeheer. Ik heb me verbaasd over de veelal verplichte administratieve rompslomp, een kantoor is er niets bij. En toch, ik blijf het een rare business vinden: handelen in levende wezens, goed zijn voor beesten die je weer gaat doodmaken. Misschien heeft Klazien gelijk als ze schrijft: ‘Want daar gaat het om, daarom doen wij als agrarische bedrijven mee. Om boeren en burgers weer dichter bij elkaar te brengen, zoals vroeger. Om van elkaar te weten wat men denkt, wat men voelt, wat men wil en wat men doet.’ Wat dat laatste betreft is deze route een schot in de roos.

© Op Lemen Voeten | www.oplemenvoeten.nl

Praktische informatie
De totale route is 52 kilometer, verdeeld in twee etappes van 25 en 27 kilometer. Het arrangement kost 120,- per persoon, inclusief routeboekje en topografisch kaartje, overnachting en maaltijden. Informatie en boekingen: Agraview: 0570 - 662877. Eén dag wandelen kan overigens ook.

Openbaar vervoer
Vanaf station Zwolle, bus 166 (40 minuten). Vanaf station Raalte, bus 166 (20 minuten), vanaf station Heino 4 kilometer lopen.

Begaanbaarheid
Omdat er veel over schouwpaden met hoog gras wordt gelopen zijn hoge waterdichte schoenen handig. Er moet vaak over afrasteringen geklommen worden. De route is gemarkeerd.

Bijzonderheden
De route start met een kopje koffie (8.30-9.30) op de proefboerderij bij Heino. De boeren die mee doen hebben speciale tijden waarop ze beschikbaar zijn voor wandelaars. Het is niet erg om op andere tijden te komen, maar het kan zijn dat men dan druk aan het werk is en minder tijd heeft. De route is aan de lange kant gezien het feit dat er zoveel te zien en te doen is onderweg. Overnachten voorafgaand aan de tweedaagse wandeling kan in Heino (zelf regelen).

Kaarten en gidsen
Aanvullend kan gebruik gemaakt worden van stafkaarten 1:25.000 27 E, F, H. Zelf deden we het met blad 7 van de landelijke Fietsroutekaart.

Drents zusje
In navolging van Overijssel heeft de NLTO Zuidwolde een soortgelijk tweedaags arrangement ontwikkeld: Wandelen door het Drentse boerenland. De route begint en eindigt bij Zuidwolde en loopt over eeuwenoude essen, door bossen en natuurterreinen. Informatie en boekingen: G. Muller: (0528) 391406 b.g.g. 371313.

Eind 1995 namen Willem Muller en Willem Dijkema het initiatief voor een agrarische wandelroute door het Overijsselse landschap. Muller is bedrijfsleider van een proefboerderij bij Heino. Dijkema werkt als PR-medewerker bij de Gewestelijke Land- en Tuinbouw Organisatie (GLTO). Begin 1996 nam Antoinet Looman, stagiare bij Agraview, de uitvoering op zich. Ze ontwierp de route, kreeg boeren zover om mee te werken, zorgde voor de markering en een routebeschrijving etcetera. In juni is de agrarische route van start gegaan en in mei 1997 werd de 250-ste wandelaar in het zonnetje gezet. Het is een rondwandeling rond Raalte geworden, langs en door weilanden en akkers en over boerenerven. Er zijn twee etappes: de Knapzak (Heino-Heeten, 25 km) en de Kruudmoes (Heeten-Heino, 27 km). Onderweg staan boeren en boerinnen klaar om de wandelaar te ontvangen en rond te leiden. Overnachting is op een boerderij in Heeten.