Winterswijk, Kommiezenpad (25km)
Tekst & foto's: Peter Polter
Het is stil in het grensgebied van Winterswijk. De zandweg loopt dood op de rand van Nederland, waar het Kommiezenpad begint. Douaniers die smokkelaars proberen te betrappen zijn in geen velden of wegen te bekennen. Deze wandelroute is vorig jaar door de gemeenten Winterswijk en Südlohn juist geopend om de goede nabuurschap te benadrukken. Eens patrouilleerden kommiezen over deze voormalige tol- en smokkelpaden in de grensstreek van Nederland en Duitsland.
Een bijzondere Sint Vitus-grenssteen
markeert het beginpunt. Waarschijnlijk
gaf deze uitbundig versierde steen ooit
de noordelijkste punt van de Sint Vitusparochie
aan. In sierlijke rococostijl is aan
de ene kant het wapen van Münster afgebeeld,
aan de andere het Gelderse wapen.
De woorden ’Renovatum 1753’ zijn na
tweeënhalve eeuw nog duidelijk leesbaar.
Deze steen uit Bentheimer zandsteen zou
in dat jaar geplaatst zijn als vervanging
van houten grenspalen.
Vanaf de historische Sint Vitussteen volg
ik een smal pad door een dichte strook
bos. Het wandelpad ziet er weinig gebruikt
uit. Regelmatig moet ik over dood
hout heen stappen en hier en daar is de
beplanting met succes bezig delen van het
pad terug te veroveren. Links schiet een
eekhoorn langs een kale stam een hoge
sparrenboom in. Even verder staat een
vervallen jachthut die uitkijkt op een kaal
perceeltje land. Het pad volgt hier precies
de grens en is in 1823 aangelegd, tien jaar
nadat de controles begonnen. Pas in 1813
werd de grens namelijk een echte douanegrens
met vastgestelde overgangen en
grenskantoren.

Robuuste boerderijen
De route steekt een paar honderd meter
Duitsland in. Het pad is breder geworden
en halfverhard. Links en rechts passeer ik
enkele uitgestrekte maïsvelden. Hoewel
ik me nu in Duitsland bevind, volgt het
pad nog steeds de oude grens. Deze liep
oorspronkelijk precies langs het smalle
beekje dat mij al enige tijd begeleidt. Het
landschap is hier opener geworden, minder
afwisselend ook. De Duitse boerderijen
die ik passeer, ogen robuuster dan de meer sierlijke Saksische boerderijen aan
de Achterhoekse kant van de grens. Hier
en daar steekt een moderne windmolen
boven het maïsveld uit. Veel Duitse boeren
hebben de laatste jaren deze vorm van
energie omarmd.
Het Kommiezenpad volgt in grote lijnen
een oude grens. In 1765 werd de officiële
scheidslijn tussen het bisdom Münster en
Gelderland vastgelegd in Burlo, een nabijgelegen
Duits dorpje waar mijn wandeling
vandaag volgens plan moet eindigen.
Het jaar na de Conventie van Burlo zijn
186 grenspalen in dit gebied geplaatst.
Hoewel veel van deze oude markeringen
in de loop der tijd zijn verdwenen, komt de
wandelaar er regelmatig één tegen.
Bijzonder is dat de grens in dit gebied al
eeuwen stabiel is. Het landschap waar ik
doorheen wandel, bestond eeuwenlang
uit onaantrekkelijke en moeilijk toegankelijke
veen-, moeras- en heidegebieden.
Deze barrière vormde een natuurlijke
grens, die zowel door het bisdom Münster
als door Gelderland werd gerespecteerd.
Hoogveengebied
Hoe ontoegankelijk het hier vroeger
was wordt duidelijk als ik richting het
Burlo-Vardingholter Venn loop. Aan mijn
rechterhand wordt de begroeiing duidelijk
anders. De diversiteit aan naald- en
loofbomen maakt steeds meer plaats
voor kleine berkenboompjes. Hier en daar
ontwaar ik donkere plassen water tussen
de boompjes. Ik loop langs de rand
van een bijna tweehonderd hectare groot
hoogveengebied, dat deels in Duitsland
en deels in Nederland ligt. Het Burlo-
Vardinholter Venn en het Wooldse Veen
(zoals het hoogveengebied in Nederland
heet) zijn tegenwoordig beschermde
natuurgebieden. Het veen mag zich hier
weer herstellen. Zo moet de grensstreek er
eeuwenlang ongeveer uit hebben gezien.
Natte veengebieden, schaars begroeide
wat hogere gedeelten en moerasbossen
waar alleen kleine berkenboompjes zich
thuis voelen.
Ook nu is het zich herstellende veen nog
nauwelijks toegankelijk. Slechts twee
doodlopende weggetjes zijn voor wandelaars
opengesteld. Eén vanuit Duitsland
en één vanuit Nederland. De grens loopt
hier midden door het veen en vanaf het
wandelpad dat aan de Nederlandse kant
het veen inloopt, is te zien dat de grensstenen
er op sokkels zijn geplaatst, om ze te
beschermen tegen het water.
Dat het veen serieus moet worden genomen
werd een jaar geleden nog duidelijk.
Twee bezoekers moesten door de
brandweer uit het veen worden gered, met
gelukkig niets meer dan onderkoelingsverschijnselen.
Ze waren van het pad af
geraakt en een aantal malen weggezakt.
Toen de duisternis was ingetreden durfden
ze niet meer verder. Ze sloegen via de
mobiele telefoon alarm.
Recreatieve functie
Twee kilometer lang loop ik langs de rand
van het natuurgebied. Ik groet een paar
fietsers. Het weggetje langs het veen heeft
tegenwoordig een belangrijke recreatieve
functie gekregen. Ik kom hier met
enige regelmaat wandelende en fietsende
Duitsers en Nederlanders tegen, die een
ommetje langs dit prachtige veengebied
maken. Alleen op dit gedeelte van de wandeling
ontmoet ik veel andere recreanten.
Voor de rest is het stil op het Kommiezenpad.
Ik begon mijn wandeling vanaf de bijzondere,
historische Sint Vitus-steen. Het
eindpunt van de route is al even indrukwekkend.
Als ik langs de eerste huizen
van het dorpje Burlo loop, begint een
oud complex zich langzaam in de verte
af te tekenen. Ik ben aangekomen bij het
klooster Mariengarden. De imposante
kloosterkerk steekt hoog boven de gebouwen
uit. Vroeg in de 12de eeuw stichtte de monnik Siegfried hier een eenvoudige gebedsplaats.
Deze plek groeide uit tot een
kloostercomplex dat in 1718 zijn huidige
omvang kreeg. Al die jaren heeft het zijn
religieuze functie behouden. Nu wonen
hier de paters van de Hünfelder Oblaten.
Zij leiden er een particulier gymnasium.
In het klooster Mariengarden werd op
19 oktober 1765 de Conventie van Burlo
gesloten, die het grensverloop tussen bisdom
Münster en Gelderland vastlegde.
Een gepast eindpunt van mijn wandeling:
op deze plek werd eeuwen geleden mijn
vandaag gelopen route voor een belangrijk
deel bepaald. Helaas zijn de gebouwen
van het klooster niet zonder afspraak
toegankelijk. Ik moet genoegen nemen
met een wandeling om het imposante
complex dat wordt omsloten door een uitgebreide
tuin aan de ene kant en een oud
kerkhof aan de andere.

Openbaar vervoer
Vanaf station Winterswijk verder met de Regiotaxi Gelderland
(tel. 0900-0276 of www.regiotaxigelderland.nl, alleen
naar bestemmingen in Gelderland). Vanaf het station
is lus 3 van het Kommiezenpad tijdens werkdagen bereikbaar
met de Bürgerbus Südlohn-Oeding (www.buergerbus.suedlohn.de).
Route
Het Kommiezenpad loopt door het grensgebied van Winterswijk
en de Duitse buurgemeente Südlohn. Het bestaat
uit een hoofdwandelroute van 17,9 kilometer en vier rondgaande
lussen die variëren van 4,8 tot 12,8 kilometer. Door
combinaties te maken biedt het Kommiezenpad veel variatie
in lengte. Bovenstaande wandeling volgt het hoofdpad
en knoopt hier de laatste lus aan: een dagwandeling van
circa 25 kilometer. Een brochure over de route is verkrijgbaar
bij VVV Winterswijk, maar kan ook worden gedownload
van de website van de gemeente Südlohn: www.suedlohn.de, kijk hiervoor in het menu onder Tourismus.
Routebeschrijving
Voor dit artikel zijn delen van lus 1, de hoofdwandelroute en
lus 4 gevolgd. Zo ontstond een lijnwandeling van 25 km.
Start: Sint Vitus-grenssteen, bij infopaneel Kommiezenpad
(einde Ratumseweg, gemeente Winterswijk). Volg vanaf de
Sint Vitus-steen het smalle wandelpad door het bos. Blijf
dit grenspad twee km lang in zuidelijke richting volgen,
tot aan de Ratumse Beek. RA langs Ratumse Beek (paaltjes
met blauwe kop). Over bruggetje bestaande uit twee
boomstammen. RA als pad afbuigt van de beek (dus niet
over tweede brug). Aan einde pad LA, volg zandweg. Bij
verharde weg LA. Volg vanaf dit punt hoofdroute Kommiezenpad
(gele bordjes). Vanaf informatiepaneel I9 lus 4 volgen,
tegen de klok in. Eindpunt is klooster Mariengarden in
Burlo (Duitsland).
